Hoe krijg je vrouwen aan de top?

topvrouwen

We hebben haast! Op 1 januari 2016 moet 30% van de topfuncties in het bedrijfsleven door vrouwen worden bekleed. De vooruitzichten zijn somber: het afgelopen jaar werden 41 nieuwe topbestuurders benoemd van wie 3 vrouwen en afgelopen week bleek dat KPN al in 2011 stilletjes afscheid heeft genomen van haar women first beleid. Nederland telt nu 99 topvrouwen tegenover 559 topmannen. In de publieke sector gaat het eveneens beroerd: 2 van de 11 topambtenaren zijn vrouw en slechts 367 van de 2481 hoogleraarbanen wordt door vrouwen vervuld. Minister Jet Bussemaker dreigt inmiddels met een wettelijk vrouwenquotum: ‘Waar geen wil is, is een wet.’ Nog 15 maanden te gaan. Tijd om te rade te gaan bij de experts.

‘Laten we het hebben over de oververtegenwoordiging van mannen.’
Bij streefcijfers is vaak sprake van een onderschatting van het probleem, meent loopbaanonderzoeker Claartje Vinkenburg. ‘Uit wetenschappelijke experimenten blijkt dat mensen zich niet realiseren hoeveel vrouwen je moet aannemen om een meer gelijkwaardige verdeling te bereiken.’ Zelfs als de komende 16 maanden alle vacatures voor topmanagers door enkel vrouwen worden ingevuld, halen we die dertig procent bij lange na niet.

Vinkenburg pleit voor meer urgentie. ‘Laten we het niet langer hebben over een tekort aan vrouwen en het belang van diversiteit, maar over de oververtegenwoordiging van mannen en de risico’s van homogeniteit.’

Ook IMF-topvrouw Christine Lagarde betoogt regelmatig dat de ergste financiële crisis in honderd jaar nooit had plaatsgevonden als meer vrouwen (of beter gezegd: minder mannen) in de boardrooms van banken hadden gezeten. Besturen met enkel topmannen nemen volgens haar te veel risico’s en zijn te eenzijdig gericht op competitie.

‘Vrouwen die de anticonceptiepil slikken zijn 2 keer zo competitief ingesteld in hun pil-loze week.’
In een gedragsexperiment van econoom Thomas Buser en zijn collega’s moesten middelbare scholieren rekensommen oplossen. Ze konden kiezen hoe ze betaald wilden worden: ofwel 1 euro per goed antwoord, danwel 4 euro per goed antwoord als ze sneller waren dan drie anderen. Resultaat: 59% van de jongens koos voor competitie, tegen 23% van de vrouwen. Buser: ‘Bedrijven moeten daarmee rekening houden in hun selectieproces. Als je een baan adverteert als competitief, of de nadruk legt op het strenge selectieproces, dan sluit je competente mensen buiten die daar niet van houden. Dat zijn met name vrouwen.’

Buser ontdekte ook een extreme correlatie tussen de menstruatiecyclus en competitiedrang. Vrouwen die de anticonceptiepil slikken zijn 2 keer zo competitief ingesteld in hun pil-loze week. ‘Als het progesteronniveau hoog is, daalt de competitiedrang.’ Tip: hou rekening met je progesteronniveau bij het inplannen van je sollicitatiegesprek.

‘Vrouwen zouden zich kunnen trainen met lagere stem te praten.’
Ontwikkelingspsychologe Barbara Braams benadrukt dat er nauwelijks verschillen tussen mannen- en vrouwenhersenen zijn aangetoond. Wel bestaat een relatie tussen stemgeluid en een zelfverzekerde uitstraling. ‘Vrouwen zouden zich kunnen trainen met lagere stem te praten.’

‘Mariëtte Hamer moet zich SER-voorzitster noemen.’
Nog iets dat snel anders kan. ‘Je moet vrouwen zichtbaar maken in de taal. Topfuncties worden altijd vermannelijkt. Laten we niet alleen spreken over leraressen maar ook over hoogleraressen,’ zegt taalwetenschapster Ingrid van Alphen. Ze deed onderzoek onder schoolgaande kinderen. ‘Beroepen hebben vaak mannelijke namen. Jongens zeggen bijvoorbeeld dat ze later politieagent of piloot willen worden. Bij gebrek aan gangbare vrouwelijke beroepsnamen zeggen meisjes dan “ik wil iets met paarden” als ze politieagente willen worden.’ Van Alphen pleit ervoor dat Nederlandse topvrouwen per direct een vrouwelijke titel voeren. ‘Mariëtte Hamer moet zich SER-voorzitster noemen.’ krijgen Zo ook: directrice, projectontwikkelaarster of rectrix magnifica. De achterliggende gedachte is dat taal ons denken beïnvloedt. Amerikaans onderzoek bewijst dat het geslacht van een woord uitmaakt. ‘Duitstaligen associëren een brug vooral met mooi en sierlijk, Spanjaarden met sterkte en kracht. Die Brücke is vrouwelijk, el puente is mannelijk.’

‘Mannen moeten zwangerschapsverlof krijgen’
In plaats van te stoeien met streefcijfers kan bewindsvrouw Bussemaker haar kostbare tijd beter anders besteden. Inge Wolsink, promovenda Bedrijfskunde en Psychologie. ‘Het is belachelijk dat mannen geen zwangerschapsverlof krijgen. Dit creëert een ongelijkheid in het selectieproces van jonge werknemers. Het impliceert bovendien dat je als vrouw de eerste drie maanden meer betrokken hoort te zijn bij het gezin. Dit rolpartoon valt vervolgens niet gemakkelijk weer af te leren.’ Volgens medisch antropologe Tanja Ahlin moet Nederland voorbeeld nemen aan gidsland Slovenië. ‘Daar hebben mannen recht op 90 dagen verlof na de geboorte van hun kind.’

Dat Nederlandse moeders zich bar weinig gesteund voelen door hun partner (26%) en werkgever (15%) om op werkgebied het maximale uit zichzelf te halen, blijkt uit een studie van sociologe Justine Ruitenberg. ‘Vrouwen die wel steun hebben ervaren, werken gemiddeld meer uren. En dat is een vereiste voor een topfunctie.’ Haar oplossing: na lezing van dit artikel moeten mannen en leidinggeven terstond hun echtgenoten en vrouwelijke collega’s gaan steunen in het najagen van een topcarrière.